Grondslagen voor de financiële verslaggeving

De interesten op leningen worden opgenomen in de financieringskosten wanneer deze zich voordoen, met uitzondering van financieringskosten uit de verwerving, bouw en de productie van in aanmerking komende activa (zie toelichting F22 Materiële vaste activa).

De netto-wisselkoersverschillen op financiële elementen en de wijzigingen in de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten in verband met de nettoschuld worden gepresenteerd in ‘Overige financieringswinsten en -verliezen’, met uitzondering van wijzigingen in de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten die afdekkingsinstrumenten zijn in een kasstroomafdekking en die opgenomen worden op dezelfde lijn als de afgedekte positie wanneer die invloed heeft op de winst-en verliesrekening.

In € miljoen

 

2018

 

2017

Lasten van schulden

 

–131

 

–172

Renteopbrengsten uit leningen en korte termijnbeleggingen

 

13

 

15

Overige financieringswinsten en -verliezen

 

–1

 

–44

Netto schuldenlasten

 

–118

 

–201

Disconteringskosten van de voorzieningen

 

–74

 

–89

Impact van verandering van disconteringsvoet op voorzieningen

 

–3

 

–8

Nettofinancieringskosten

 

–194

 

–298

Zie toelichting F36 Nettoschuld voor meer informatie.

De daling van de netto schuldenlasten is vooral toe te schrijven aan:

  • de lagere schuldenlast als gevolg van (a) de terugbetaling op de vervaldag (juni 2018) van het resterende uitstaande bedrag van de EMTN-obligatie (€ 382 miljoen), reeds gedeeltelijk vervroegd afgelost (€ 118 miljoen) in 2017, en (b) de gedeeltelijk vervroegde aflossing van de twee Cytec-obligaties in Amerikaanse dollars in 2017. In 2017 waren in de schuldenlasten eenmalige toerekeningskosten in verband met vervroegde aflossingen van € 10 miljoen meegenomen; en
  • de afname van de overige financieringswinsten en -verliezen van € -44 miljoen voor het jaar eindigend op 31 december 2017 naar € -1 miljoen voor het jaar eindigend op 31 december 2018, met name als gevolg van (a) de verdere optimalisatie van de kapitaalstructuur van dochterondernemingen van Solvay en de noodzaak aan swaps en (b) de eenmalige premies betaald in 2017 (€ 15 miljoen) in verband met de vervroegde aflossing van bovengenoemde obligaties.

De daling van de disconteringskosten van voorzieningen had betrekking op beloningen na uitdiensttreding (€ 8 miljoen) en milieuvoorzieningen (€ 12 miljoen), en kan voornamelijk worden toegeschreven aan de evolutie van de toepasselijke disconteringsvoeten (zie ook toelichting F34 Voorzieningen).